Content on this page requires a newer version of Adobe Flash Player.

Get Adobe Flash player

In 'Eindelijk volstrekt alleen' van L. H. Wiener de volgende citaten over de afscheidswoorden:

(...) de slotzin van mijn afscheidsrede, uitgesproken begin juli van het jaar 2007, luidde: ' Lieve vrienden, vijanden en overige aanwezigen, nu ga ik weg en dat wordt hoog tijd ook, het ga u allen, en daarmee mijn eigen lief-en-leed-school, in de toekomst, goed.'

p. 103
en

Ik dacht terug aan de afscheidsspeech op mijn oude school, waarin ik vanwege het feestelijk karakter van die avond geen gal meer wilde spuwen en geen gelijk meer wilde opeisen. Ga erboven staan en verlaat de school met opgeheven hoofd, je lief-en-leed-school, waar je dertig jaar van je leven hebt neergelegd.

p. 215
 

O, zo herkenbaar. Niet natrappen, mild zijn op zo'n moment.

Niet meer op dát moment je overtuiging uitdragen, daarvóór heb je immers alle gelegenheid gehad je mening te geven, je principes uit te venten, de grenzen aan te geven. En .. zolang er nog van geen afscheid sprake is kunnen er represailles volgen, kan men je het kwalijk nemen, maak je er geen vrienden mee.

Luid en duidelijk zijn op het moment dat het geen kwaad meer kan, ach, het lijkt aantrekkelijk, maar het is als het aanvallen van het stervende dier.

Wat deed ik dus? Ik beperkte me in mijn afscheidspresentatie tot
Wens
en
wens
En dat was het dan. Gal binnenhouden dus, het gelijk in je hoofd koesteren, niets meer opeisen, de vijanden uit de weg gaan.
terug