|
Zo maar wat citaten uit een zeer grijs verleden |
Thebe Een taal
waarvoor geen teken is |
Zij:
'Ziezo. En laten we het nu eens over jou hebben. Hoe vind JIJ mijn nieuwe haar?' |
Bie & Koot, Bescheurkalender 1978, vrijdag 24 maart | |||
| Gerrit Achterberg, Thebe 1941/Cryptogramen 1953 | Al
zijt gij in onnoembaarheid, glanzende scharen van mijn wil zijn uitgegaan om u te tellen: een prevelen, niet te verstaan, zal eenmaal samenvallen met onze kennismaking diep in de taal. |
|||||
| Als ik een citaat geef is het meestal heelemaal geen citaat en als ik er ooit een auteur bij noem is dat gelogen. | Gerrit Achterberg, Diaspora | Bie & Koot, Bescheurkalender 1978, dinsdag 14 maart | ||||
| Nescio, Heimwee en andere fragmenten, 1952, p. 45 | Deze mededeling benadrukt de waarde van de regel dat auteurs slechts literatuurverwijzingen mogen opnemen die zij zelf daadwerkelijk gelezen hebben. | Lieve dames, moet u nou 's éven horen. Als het één van u nou met veel moeite is gelukt mij de zin: 'ik hou van je' te ontfutselen, zoudt u dan niet eindeloos door willen zeuren dat ik dat nóg 's moet zeggen, of mij op indirecte manier daartoe dwingen door voortdurend te herhalen dat u zeker weet dat ik niet meer van u houdt, eens gezegd, blijft gezegd, ja?, en als het anders is, dan hoort u dat wel van me. Bie, boos, maar als u hem even over zijn bol strijkt is het zó weer over. |
||||
| Adriaan Ph. Visser, korte mededeling: interne en externe beheersing: korrekties op literatuurverwijzingen, TvO, 1975, p. 701 | Bie & Koot, Bescheurkalender 1978, 9 februari | MACHT | ||||
| Verstoppertje
spelen. U bent hem en u heeft al tot honderd geteld. Ook heeft u al 'Ik kom' geroepen. Iedereen zit stil. Maar u begint nog niet met zoeken. U speelt met een steentje of u maakt eerst uw nagels schoon. Dit, wat u nu voelt, zullen wij Macht noemen. |
||||||